België info : geschiedenis terug naar indexpagina


English  Nederlands  Français  Deutsch   grote tekst:
 
Moderne tijden (1482 - 1794)

A. De Verenigde Nederlanden onder de Habsburgers (1482 - 1585)

Na de dood van Maria van Bourgondië kwamen de Belgische gewesten in de handen van de Habsburgers. Tijdens het bewind van keizer Karel V (1515-1555) was België een van de meest verstedelijkte gebieden. Antwerpen was het commerciële en financiële centrum van West-Europa. De eerste helft van de XVIde eeuw was welvarend en ook kunsten en wetenschappen bloeiden.

De bevolkingstoename in die periode zorgde echter ook voor een toename van de armoede. Onder het regime van Filips II (1555-1598), koning van Spanje en de Nederlanden, leidde dit tot sociaal oproer. Ondertussen had het protestantisme vaste voet gekregen in de Nederlanden. Filips II wilde deze eredienst met alle middelen bestrijden. Zijn streven om alle macht naar zich toe te trekken, stuitte op hevig verzet van adel en burgerij.

Deze spanningen resulteerden in een algehele opstand tegen het bewind van Filips II. Radicale protestanten slaagden erin om de Spaanse troepen uit de Noordelijke provincies (het huidige Nederland) te verdrijven. Het Zuiden (België) werd door Spanje heroverd. Door hun inname van Antwerpen in 1585 bezegelden zij de definitieve scheiding van de Noordelijke en Zuidelijke Nederlanden. In het Zuiden werd het katholicisme opnieuw opgelegd als verplichte godsdienst.

Het prinsbisdom Luik bleef onafhankelijk. Het protestantisme kende hier veel minder aanhang, maar werd niettemin vervolgd. Dit gewest wist in de XVIde eeuw met succes zijn neutraliteit te handhaven tegenover zijn buren.

B. De Zuidelijke Nederlanden onder de Aartshertogen en Spanje (1585 - 1715)

Na 1585 kwam België, behalve het prinsbisdom Luik, onder Spaans gezag. De katholieke godsdienst werd verplicht. In 1598, kort voor zijn dood, verleende Filips II aan de Zuidelijke Nederlanden een status van semi-onafhankelijkheid. De aartshertogen Albrecht en Isabella regeerden het land en kregen van Spanje een ruime binnenlandse autonomie. Door het kinderloos overlijden van Albrecht in 1621 kwamen de Zuidelijke Nederlanden opnieuw rechtstreeks onder de Spaanse kroon. Vanaf dat moment moesten de Zuidelijke Nederlanden de nederlagen van hun Spaanse meesters betalen. Vele gebieden gingen voor altijd verloren aan Frankrijk en de Noordelijke Nederlanden.

Het bestuur van de Nederlanden geraakte stilaan verspaanst. De Tegenhervorming leidde tot een zware terugval in de wetenschappen. In de eerste helft van de XVIIde eeuw kon de bevolking op het platteland zich enigszins herstellen van de oorlogen in de vorige eeuw. Op economisch vlak moest de industrie zich vooral richten op luxeproducten. Antwerpen verloor zijn positie als voornaamste handelscentrum ten voordele van Amsterdam.

De tweede helft van de XVIIde eeuw was opnieuw een echte ongeluksperiode. De Zuidelijke Nederlanden werden getroffen door een economische crisis als gevolg van de overbevolking en de buitenlandse concurrentie. De oorlogen, gevoerd door Lodewijk XIV, hielden in de Belgische gewesten lelijk huis. Zo werd midden augustus 1695 Brussel moedwillig verwoest door Franse troepen.

In 1715 werden de Zuidelijke Nederlanden overgedragen aan het Habsburgse keizerrijk en er brak een rustigere periode aan.

In het katholiek gebleven prinsbisdom Luik ontstonden er spanningen tussen progressieven en conservatieven. Beide partijen deden een beroep op buitenlandse grootmachten, waardoor ook Luik te lijden had onder de buitenlandse oorlogen. De economie werd echter niet aangetast. Integendeel, de economische neergang van de Zuidelijke Nederlanden bespoedigde de opgang van Luik. Vooral de wapenhandel en de Vervierse textielnijverheid kenden een grote bloei.

C. De Oostenrijkse Nederlanden (1715 - 1794)

In 1715 werden de Zuidelijke Nederlanden overgedragen aan het Habsburgse Rijk (Oostenrijk). Het was een zeer rustige periode, alleen in de jaren 1744-1748 werd het gebied bezet door het Franse leger. De Oostenrijkse vorsten wilden de principes van de Verlichting toepassen en lieten meer vrijheden toe.

De pogingen van keizer Jozef II om de staat drastisch te hervormen, gaf aanleiding tot de Brabantse Omwenteling (1790). Door onenigheid tussen progressieven en conservatieven viel het land na nog geen jaar opnieuw in Oostenrijkse handen.

In Luik hing het bewind af van de verlichte of conservatieve opvattingen van de prins-bisschop. In 1789 brak er een progressieve opstand los tegen de prins-bisschop, omdat zijn beleid door de bevolking als te reactionair werd beschouwd. Hij werd neergeslagen door de Oostenrijkers in het zog van hun herovering van de Zuidelijke Nederlanden.

Luik en de Zuidelijke Nederlanden werden in 1792 door de Franse Republiek veroverd, maar in 1793 door Oostenrijk heroverd. In 1794 kwamen zij definitief onder Frans bewind.

Een sterke bevolkingsaangroei en technologische innovatie in deze periode legden de basis voor de Industriële Revolutie van de XIXde eeuw. Een goed uitgebouwd wegennet verbeterde de handel. De Compagnie van Oostende was in de jaren 1720 zelfs een zware concurrent voor de theehandel van de grote mogendheden, alvorens de Keizer haar om dynastieke redenen ontbond.

naar boven

vorige  geschiedenis
Prehistorie en Oudheid (800,000 v.C. - 400 n.D.)

A. Oude en Midden Steentijd (800.000 - 5000 v.C.) De Oude Steentijd neemt een aanvang op het moment dat de mens werktuigen begon te vervaardigen uit vuursteen. In dit tijdvak wisselden...

volgende  geschiedenis
De Franse en de Nederlandse periode (1794 - 1830)

A. De Franse Tijd (1794 - 1815) In 1792 werden de Zuidelijke Nederlanden en het prinsbisdom Luik door troepen van de Franse Republiek veroverd. Het volgende jaar werden zij echter door de...


geschiedenis
aardrijkskunde
Economie en arbeid
statistiek

 


iphlexwebphlexvoorbeeld websitesBelgië > Moderne tijden (1482 - 1794) Copyright © 2005 iphlex systems